Alhoewel de soort al in de 19e eeuw beschreven is, duurde het tot 1983 voordat Roy Lancaster hem invoerde. Een verfijnde, meer open versie van L. x purpusii met elegant afhangende twijgen, die vanaf januari bezet zijn met de meest teer uitziende hangende bleekgele bloemen, soms met een hint van roze erin. Opvallend is de lange ranke bloembuis en natuurlijk de geur waarin onmiskenbaar citroen zit. Na de bloei volgt het eerst nog purper getinte behaarde blad, wat al gauw een prettige blauwgroene tint aanneemt.
Er zouden een kleine 200 verschillende Lonicera bestaan, waarvan de klimmende soorten het meest bekend zijn. Die kweken we niet, wij houden het bij een paar relatief kleine heesters (op L. purpusii na. ) En die zijn bijzonder gemakkelijk in cultuur, want ze passen zich snel aan in uiteenlopende situaties. Sommige doen het zelfs nog in diepe schaduw. Leuk detail is dat de bloemkleur bij het verstrijken van de bloei duidelijk donkerder wordt.
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat. Deze cookies zorgen ervoor dat wij anonieme statistieken kunnen bijhouden. Bekijk onze Privacyverklaring voor meer informatie.