Delphinium uliginosum

DELPHINIUM algemeen

Als de Riddersporen bloeien vergeten we in één klap al het werk wat we met ze gehad hebben. En dat is heel wat. Dat begint al met de grond goed voorbereiden, diep losmaken en veel organisch materiaal erdoor mengen. Een plant die zoveel geeft, zulke grote en krachtige bloemtrossen, moet wel goede grond hebben die ook niet te zuur mag zijn. Als de planten dan opkomen moeten we heel alert zijn op slakken die in één nacht de plant met de grond gelijk maken. Dan moeten we vanaf eind mei de boel netjes opbinden en als er tussentijds geen geweldige onweersbui komt dan is het vanaf eind juni genieten geblazen. Na de bloei kunt U ze op de grond afknippen (bij de D. belladonna knippen we net onder de hoofdtros) en mesten we ze bij. De meeste bloeien dan heel betrouwbaar na in augustus-september. In een warm najaar kan dat soms in oktober nog een keer, maar dat put de plant wel erg uit. Om de twee jaar moet U de oude planten opnemen, scheuren en het liefst op een nieuwe plek zetten. Als ze te lang op een plek staan kwijnen ze weg. Alle cultivars zijn uit stek opgekweekt in een grote 1 ltr. pot! We hebben ook een paar interessante botanische soorten.

Delphinium uliginosum - Ridderspoor

Het kleine fijne broertje van D. trolliifolium met heel fijn ingesneden blad, wat een beetje waaiervormig gerangschikt is. Groeit in Noord Californië op humeuze, niet te droge plekken en bloeit dan in de voorzomer met purperblauwe, lang gespoorde bloemen. Na de bloei 'overzomert' de plant in de vorm van een knolachtige wortelstok.

Standplaats:   zon-halfschaduw

Kleur:   violetblauw

Bloeitijd:   mei - juni

Hoogte:   60 cm

Planten per m²:   7

Vak op de kwekerij: R1

Prijs:   3.50 €